Nederland in ideeën 2015 – Tjerk Gualthérie van Weezel

 
Welkom! Dit bericht is onderdeel van de online tentoonstelling Nederland in ideeën, waarin 93 wetenschappers, ondernemers en kunstenaars antwoord geven op één vraag van Paulien Cornelisse:

‘Welk inzicht uit je vakgebied kan anderen helpen in het dagelijks leven?’

De tentoonstelling is verspreid over 93 websites. Op deze site vind je het antwoord van Tjerk Gualthérie van Weezel. Je kunt onderaan dit bericht doorklikken naar het volgende antwoord, of een bezoekje brengen aan de ‘centrale hal’ [link naar nederlandinideeen.nl] van de tentoonstelling.

 

Haast kost geld

De vakantie begon dit jaar met een gepeperde rekening. Vlak voordat we naar het zuiden zouden rijden, moest de auto nog een grote beurt. De garagist belde met een lange lijst van tamelijk essentiële gebreken.

De rekening was even hoog als het volledige vakantiegeld. Maar ja, het vooruitzicht van een klapband of een gebroken distributieriem terwijl je met je dierbaren over de péage sjeest, is weinig aantrekkelijk. Betalen dus.

Ik baalde. Niet alleen van het geld, maar ook omdat ik had gezondigd tegen de wet die mij in mijn werk als economieverslaggever zo veel inzicht biedt – de Eerste Wet van Haast: wanneer je in een onderhandelingssituatie verzeild raakt, zorg dan dat je geen haast hebt.

Het was de Amsterdamse wethouder Duco Stadig die ik ooit over de Eerste Haastwet hoorde spreken. Wie snel iets gedaan wil krijgen, betaalt daarvoor een hoge rekening, zo had hij door schade en schande geleerd.

Voor politici, die nou eenmaal binnen vier jaar iets willen bereiken, is het haast onmogelijk de Eerste Haastwet niet te overtreden. Maar dan is er gelukkig de Tweede Haastwet van Stadig: wanneer je toch onderhandelt met haast, zorg dan dat je tegenpartij meer haast heeft dan jij.

Stadig deed dat onder meer uitgekiend bij de aanbesteding van de wijk IJburg. De stad moest flinke kosten maken om in het IJmeer land op te laten spuiten en bruggen te bouwen. Wanneer de eilanden klaar waren, zouden projectontwikkelaars de grond kopen en er huizen op bouwen. Dat is prima zolang het goed gaat met de woningmarkt. Maar als de woningmarkt nou eens zou instorten, bedacht Stadig. Dan zou Amsterdam over enkele jaren met dure grond zitten waar de stad snel een ontwikkelaar voor moest vinden. Die dure situatie wilde Stadig vermijden. Dus verkocht hij de grond al voordat er ook maar het begin van een eiland was. Vanaf dat moment hadden de ontwikkelaars ook haast.

Sindsdien geniet ik wanneer ik zie hoe partijen elkaar de haast in de schoenen proberen te schuiven. Op de woningmarkt bijvoorbeeld. Na honderd kwartalen van prijsstijgingen werden huizen sinds het uitbreken van de crisis ineens minder waard. Dus dachten veel potentiële huizenkopers: ik wacht nog even, want volgend jaar is het huis weer goedkoper.

Dit tot misnoegen van de overheid, die wil dat het geld rolt. Een verkochte woning betekent werk voor makelaars, notarissen, aannemers, verhuisbedrijven, woonboulevards. Goed voor de economie en dus voor de schatkist.

De regering probeerde daarom potentiële kopers toch haast te bezorgen. Door ‘tijdelijk’ de overdrachtsbelasting te verlagen, bijvoorbeeld. Vlak voordat het tarief weer omhoog zou gaan, kochten tienduizenden Nederlanders nog snel een huis. En eind 2013 kwam de maatregel waardoor rijken tijdelijk een ton belastingvrij kunnen schenken voor financiering of verbouwing van een huis. Tienduizenden mensen willen ervan profiteren en jagen zo de woningmarkt aan.

Het mooiste voorbeeld zijn de onderhandelingen rondom Vestia, de Rotterdamse woningcorporatie die in 2012 bijna failliet ging nadat een corrupte kasbeheerder voor vele miljarden speculeerde op de internationale geldmarkt. Het zette de hele sociale huursector op losse schroeven.

Verantwoordelijk minister Liesbeth Spies wilde de Vestia-bom zo snel mogelijk onschadelijk maken. Zij gaf het onderhandelingsteam van Vestia de opdracht binnen twee maanden een deal te sluiten met alle internationale zakenbanken die Vestia in hun greep hadden.

Onderhandelen met een geslepen bankier terwijl je een deadline hebt: veel slechter kan niet. Daarom verzonnen de onderhandelaars van Vestia een list. Zij lieten het Waarborgfonds Sociale Woningbouw beslag leggen op alle 90.000 huizen van Vestia.

Het was een klap in het gezicht van de bankiers. Zij hadden juist altijd zo graag zaken gedaan met Vestia omdat ze bij een eventueel faillissement altijd nog die woningen zouden kunnen opeisen. Nu een faillissement ook hún geld zou kunnen kosten, wilden de bankenlui de kwestie ineens ook snel afwikkelen. De beslaglegging heeft de staat zo waarschijnlijk vele honderden miljoenen euro’s bespaard.

Terwijl ik de lange lijst met gebreken aan mijn auto doorlas, zocht ik dus naarstig naar een manier om de Tweede Haastwet in werking te stellen. Maar toen ik opkeek en zag hoe de dame tegenover me zorgelijk in haar planning keek of er eigenlijk nog wel genoeg tijd was voor alle noodzakelijke reparaties, wist ik dat het kansloos was.

Dus verzon ik ter plaatse de Derde Wet van Haast: als je heel veel haast hebt en je tegenpartij absoluut niet, kijk dan heel sip. Het leverde mij gelukkig nog 10 procent korting op.

 

Tjerk Gualthérie van Weezel

Verslaggever Economie de Volkskrant; initiator ‘De Bètacanon, vijftig dingen die iedereen eigenlijk zou moeten weten van de natuurwetenschappen’

 

Alle antwoorden zijn ook beschikbaar in boekvorm onder de titel Dit wil je weten: Wetenschappers ondernemers en kunstenaars geven adviezen voor het dagelijks leven

 

Klik hier voor het volgende antwoord.

 

Klik hier voor een bezoekje aan de centrale hal van de expositie.

 

 

 

Dit stuk heeft 1 reactie

Schrijf een reactie

  1. Doorsturen naar T.Gualtherie v. Weezel,
    Betaalbare huurwoningen bestaan niet in Nederland.
    Zet de feiten eens in de krant!
    http://fubar.mobi/2015/02/05/10718/comment-page-1/#comment-12419