Kiezen en Delen

Als Europeaan is het flink gniffelen bij Republikeinse voorverkiezingen. Onbetwiste topentertainer is natuurlijk The Donald, maar onderschat ook Ted Cruz niet, die prachtige verkiezingsvideo’s uitbrengt over hoe je bacon bereidt met een machinegeweer. En dan zijn er die domme Republikeinse kiezers, waarvan minder dan de helft gelooft in klimaatverandering en evolutie.

Volgens de Amerikaanse jurist en wetenschapper Dan Kahan heeft ontkenning van klimaatverandering echter niets met domheid te maken. Kahan is professor aan de Amerikaanse universiteit van Yale en een van de leiders van het “cultural cognition project”, dat met behulp van experimenten onderzoekt waarom mensen geloven in het tegendeel van de wetenschappelijke consensus.

Een aantrekkelijke eerste hypothese is de “public irrationality thesis” (PIT), een dure manier om te zeggen dat mensen dom zijn. Zoals Kahan in deze video uitlegt is de PIT echter simpel te weerleggen. In een steekproef van doorsnee Amerikanen is er namelijk geen enkele correlatie tussen geloof in klimaatverandering en maatstaven voor wetenschappelijk begrip (“scientific literacy”) en rekenkunde (“numeracy”). Sterker nog, het blijkt dat mensen die hoog scoren op numeracy sterker gepolariseerd zijn over geloof in klimaatverandering dan mensen die laag scoren.

In een vervolgexperiment, besproken in dezelfde video, onderzochten Kahan en zijn team hoe dit komt. In het experiment werd deelnemers verteld dat de volgende tabel de testresultaten gaf van een nieuwe zalf tegen huiduitslag.

  Uitslag verergerd Uitslag verdwenen
Gebruikt zalf 223 75
Gebruikt geen zalf 107 21

 

Vervolgens was de vraag of het zalfje helpt tegen uitslag. Op basis van de tabel is het juiste antwoord ja, en zoals verwacht deden mensen met een hogere “numeracy” score het beter op deze test.

Daarna deden de onderzoekers dezelfde test deden met een politiek geladen vraag, namelijk of de vrijheid om verborgen wapens te dragen leidt tot meer of minder misdaad. Nu bleek dat de rekenwonders het alleen beter deden als het antwoord paste bij hun politieke overtuiging. Was dit niet het geval, dan scoorden ze net zo slecht als de anderen. Het gevolg is dat vooral de ‘slimmere’ mensen door nieuw bewijs gepolariseerder raken.

Kahan argumenteert op basis van deze en andere experimenten dat ontkenning van klimaatverandering geen zaak is van domoren of wetenschapshaters. Integendeel, de mensen die de wetenschap ‘buigen’ naar hun doelen zijn juist rationeel. Want individueel geloof in klimaatverandering heeft geen invloed op het klimaat, maar heeft in Amerika wel een enorme invloed op je sociale omgeving. Een rechtenprofessor in Yale die niet in klimaatverandering gelooft heeft geen leven, en een republikeinse politicus in South Carolina die in klimaatverandering gelooft verliest de verkiezingen.

Het is een provocatieve stelling, die echter op alle punten onderbouwd is met feiten. Maar laat die feiten uw plezier in Trump en zijn collega’s vooral niet verpesten.