kijken-in-het-brein-e1433793027604

Googelen is goed of juist schadelijk voor je hersenen. Hersenscans voorspellen autisme/pedofilie/crimineel gedrag/consumentengedrag.
Zo maar wat ‘hersenweetjes’ die je mogelijk in de media bent tegengekomen. Kloppen ze ook?
Meike Grol, Nienke van Atteveldt & Sandra van Aalderen-Smeets zijn van mening dat er nogal eens onnauwkeurig over de resultaten van hersenonderzoek wordt bericht. Daarom schreven zij samen ‘Kijken in het brein’, om de lezer een realistischer blik te bieden op de (on)mogelijkheden van hersenonderzoek.De dames promoveerden alledrie in neuro-imaging en delen de frustratie over het vaak opduiken van ‘hersenmythes’ in de media, en over het gebrek aan kennis over de hersenen waar dit juist nuttig kan zijn, zoals in het onderwijs. Nienke en Sandra lieten in dat verband al eens van zich horen hier op SciencePalooza, kijk maar hier en hier.

In hun boek ‘Kijken in het brein’ leggen ze uit wat er mis is met veel fascinerende verhalen over het brein die onder de noemer nieuws in de media opduiken : de neuromythen. Je moet de beperkingen van verschillende hersenscantechnieken snappen, om verkeerde interpretatie van de resultaten te voorkomen. Daarom beschrijven ze de onderliggende techniek van de verschillende typen scanners die hersenonderzoekers tot hun beschikking hebben. Vaak terugkerende mythes worden niet alleen onderuit gehaald, maar je leert ook waarom het (nog) niet waar kan zijn, op basis van de huidige technische mogelijkheden.
Nuttige kost voor menig journalist!
Ook inzichtelijk is de beschrijving van het traject tussen analyse van onderzoeksresultaten, via wetenschappelijke publicaties en persvoorlichters, naar een artikel in de krant of online. Op ieder tussenstation lijkt er een optimistisch sausje over de bevindingen en de eventuele toepassingen te worden gegoten.

Als de neuromythen zijn ontkracht, worden in het tweede deel de neurofeiten besproken: wat hersenscans wel en niet kunnen aantonen. Ondanks het enthousiasme van de dames voor de techniek, brengen ze nuances aan bij wat soms als erg veelbelovend wordt gepresenteerd.
Een voorbeeld: op groepsniveau lijken criminelen gemiddeld meer hersenactiviteit te hebben in een bepaald gebiedje, als ze een testje moeten doen dat hun impulsiviteit meet. Maar dat wil niet zeggen dat je iets kunt zeggen over iemands impulsiviteit als je hem/haar in de scanner stopt, laat staan over het risico dat deze persoon zich weer gaat misdragen. 
Dezelfde beperking geldt voor het voorspellen van autisme, dyslexie, pedofilie of andere persoonlijkheidskenmerken; met de huidige scantechnieken kunnen we nog bijzonder weinig zeggen over een specifiek persoon en dit boek legt in heldere taal uit waarom.
Ook de zin en vooral de onzin van neuromarketing komen aan de orde. Er is nog maar weinig waargemaakt van de beloftes om koopgedrag te kunnen voorspellen, succesvollere producten en effectievere reclame te ontwikkelen. My two cents: zet die dure apparaten in voor iets zinnigers.

Het derde en laatste deel gaat over neurokansen: op welk gebied kunnen hersenscans een rol van betekenis spelen?
In de rechtspraak van adolescenten is goed gebruik gemaakt van wetenschappelijke inzichten. Door erkenning dat de hersenen en het gedrag van adolescenten nog niet uitontwikkeld zijn en weloverwogen gedrag soms nog teveel gevraagd is, is de rechtspraak flexibeler gemaakt. De leeftijd vanaf welke je sowieso als volwassene wordt berecht is verhoogd van 21 naar 23 jaar. Iemand van 22 kan voor de gevolgen van roekeloos gedrag dus nog berecht worden via het jeugdstrafrecht, hetgeen consequenties heeft voor het soort opgelegde straf.
Gaat hersenonderzoek vergelijkbare aanpassingen teweeg brengen in het onderwijs, even scannen en weten hoe iemand het beste leert? Blijft het meten van dyslexie in de foetus science fiction of wordt het een feit?

kijken in het brein‘Kijken in het brein’ is een vlot geschreven, interessant boek, met verhelderende tekeningen. Het wapent je om de populaire berichten in de media beter op waarde te schatten. Een welkom boek in tijden dat we regelmatig fascinerende beloftes lezen over wat hersenscans allemaal zouden kunnen, maar waarin die toepassingen vaak nog even op zich laten wachten.

 

Kijken in het brein – Mythen en mogelijkheden

Meike Grol & Nienke van Atteveldt & Sandra van Aalderen-Smeets
ISBN: 9789021457567