Chimera of the Notre dame 2 - rechtenvrije afbeelding

Kruisingen tussen dieren spreken tot de verbeeldingen. Maar geldt dat ook voor kruisingen tussen mens en dier? In Nederland halen we onze schouders daarover op. 

Onlangs werd een gaap geboren, een kruising tussen een mannetjesgeit en een vrouwtjesschaap. De media presenteerde het lieve diertje als een speling van de natuur, een bezienswaardigheid. En wees eerlijk: wie gniffelt er nu niet bij een kruising van een tijger en een leeuw (een lijger of teeuw), een walvis en een dolfijn (een walfijn) of een ezel en een zebra (een zezel)?

Niet alle hybriden ontstaan echter van nature. Wetenschappelijke ontwikkelingen maken het soms mogelijk om op een andere manier overlap te creëren, ook tussen mens en dier. Onderzoekers spelen al langer met de idee om organen van varkens in mensen te zetten (xenotransplantatie). En ook stamcelonderzoek maakt het mogelijk om cellen te creëren die deels uit mens en deels uit dier bestaan.

Zo is het mogelijk om menselijke stamcellen met dierlijke cellen te mengen. Daarbij verwijderen wetenschappers de kern uit een dierlijke eicel en wordt deze vervolgens gevuld met een menselijke lichaamscel, met een chimaera als resultaat. De hoop is dat dit tot allerlei medische doorbraken leidt, onder meer voor Alzheimer en defecte organen.

Dergelijke hybriden leiden vaak tot heftige reacties. In haar boek Purity and Danger wees antropologe Mary Douglas er al op dat we voorzichtig om moeten gaan met fenomenen die onze classificaties overstijgen. Iets is ofwel een mens, of een andere diersoort. Wat niet binnen deze classificatie past, verwordt tot mythe of wordt weggezet als vuil.

In het buitenland zien we dat duidelijk. Zo leidde de ontwikkeling van chimaeras in de Verenigde Staten en het Verenigd Koninkrijk tot ophef. Kranten spraken over ‘Planet of the Apes’ experimenten met een hoge ‘yuk factor’. Na een felle publieke discussie werd in het Verenigd Koninkrijk strenge regelgeving geïntroduceerd voor stamcelonderzoek dat de grens tussen mens en dier in twijfel trekt. In negen Europese landen is stamcelonderzoek bovendien als zodanig verboden en kunnen dus ook geen chimaeras worden gecreëerd. Hybriden zijn vuil.

Zo niet in Nederland. Volgens de Nederlandse embryowet (artikel 25) mogen onderzoekers gewoon chimaeras creëren, al mogen ze deze niet langer dan twee weken ontwikkelen. En nu het mogelijk is geworden om stamcellen (en chimaeras) te maken zonder embryo’s te gebruiken, is het maar de vraag of de wet hier nog beperkingen aan stelt. Bovendien is er in Nederland geen noemenswaardige publieke discussie en leverde een publieksonderzoek geen sterke reacties op over mens-diercellen.

Darwin as ape - rechtenvrije afbeelding

Chimaeras worden blijkbaar niet door iedereen als grensoverschrijdende hybride beschouwd. Meestal is het wel duidelijk wanneer de grens tussen mens en dier wordt overschreden. Wanneer we bijvoorbeeld vlees eten nemen we wel een deel van de bouwstoffen van dat dier over, maar maakt dit ons nog geen hybride. Daar is iedereen het over eens. In het geval van chimaeras is het echter minder duidelijk. Wanneer wetenschappers in een laboratorium voor het eerst een cel creëren die zowel menselijke als dierlijke elementen bevat, betekent dat niet automatisch dat een mythisch of vuil wezen is gecreëerd. De grens tussen puurheid en gevaar ligt niet onomstotelijk vast: landen gaan hier heel verschillend mee om.

Nieuwe wetenschappelijke ontwikkelingen stellen ons steeds opnieuw de vraag waar de grens ligt tussen mens en dier. Door te vragen waar de grens ligt, bestendigen we het belang daarvan. In Nederland wordt die vraag echter amper gesteld. Zou het kunnen dat wij die grens gewoon niet zo belangrijk vinden als de Amerikanen en de Britten?

Wellicht behandelen we in Nederland een chimaera net als het gaapje. We gniffelen even, en hopen dat ‘ie gelukkig wordt.