Screen Shot 2014-05-08 at 3.48.56 PM

De eerste lintjesregen van Willem-Alexander zit erop. Talloze dierenasielmedewerkers, voetbalcoaches en andere vrijwilligers zijn in het zonnetje gezet en door vertegenwoordigers van zijne majesteit onderscheiden. Een eer die — volgens de regels — alleen burgers “van onbesproken gedrag” ten deel mag vallen. En ook binnen de onderscheidingen bestaat een hiërarchie: naast de “gewone” lintjes is een select aantal dienstbare burgers geridderd in de orde van Oranje Nassau. Eén van deze nieuwe ridders is de homeopaat Jan Scholten.

Scholten is het brein achter het homeopathische middel Iquilai, dat hij heeft ontwikkeld als aidsremmer, en nog steeds als zodanig verspreidt, met name in Kenia. Een homeopathisch middel mag in Nederland inmiddels geen medisch indicatielabel meer dragen als niet wetenschappelijk is bewezen dat het werkzaam is, maar buiten Nederland is de regelgeving niet zo streng. En sommige Nederlandse artsen, waaronder Scholten, schromen er blijkbaar niet voor om dit soort middelen zonder bewijs in te zetten tegen ernstige ziektes, zoals HIV/aids.

Placebo-effect

Iquilai heeft dezelfde chemische compositie als het goedje dat u dagelijks door uw koffie roert. Homeopathie baseert zich op het idee dat water geheugen heeft, en dat deze magische boodschap vervolgens kan worden doorgegeven aan een balletje lactose. In werkelijkheid is nooit bewezen dat dit soort medicatie meer is dan een placebo: keer op keer laten homeopathische middelen het afweten als ze onder degelijke wetenschappelijke condities worden getest.

Iquilai is weliswaar getest, maar niet volgens wetenschappelijke standaarden, en slechts éénmaal: in 2006 werd een klinische trial uitgevoerd op aidspatienten in Kenia. Ik gebruik de term “klinische trial” hier losjes: de trial was niet gerandomiseerd, niet blind — sterker nog, er was überhaupt geen controlegroep waarmee de met Iquilai behandelde patiënten vergeleken konden worden. Deze elementaire fout in de onderzoeksopzet maakt alle conclusies over de effectiviteit van het middel onmogelijk. Het rapport van die “studie” is een schokkend verslag van een buitengewoon slecht opgezet “onderzoek”, waarin kwetsbare patiënten proefpersoon mogen spelen voor een middel waarvoor geen enkele indicatie van effectiviteit bestaat. Dat patiënten in deze studie-zonder-controlegroep verbetering laten zien, zegt niets meer dan dat het placebo-effect ook hier werkzaam is. En dat is verre van verrassend.

De ontwikkeling en distributie van Iquilai is de core business van het Nederlandse Aids Remedy Fund, de non-profit van Scholten en collega-arts en homeopaat Leo van Gelder. Na de nutteloze en onethische exercitie in Kenia is het fonds in 2011 aan een daadwerkelijk gecontroleerde en gerandomiseerde trial begonnen in Cuba, maar op de resultaten is niet gewacht: via e-mail laat Van Gelder weten dat de studie “door bureaucratie, epidemieën en wisselende ministers op het ministerie van gezondheid” nog niet is afgerond. Dat heeft verder niemand ervan weerhouden het middel gewoon beschikbaar te stellen als aidsremmer in Kenia en elders. “U kunt mij uw adres geven, en dan sturen wij het middel op,” bevestigt de lokale distributeur desgevraagd.

Levensgevaarlijk
Het kan niet allebei. Of een middel is effectief, het doet iets — en dan dient het grondig getest te zijn voordat je het op de markt brengt. Of het is een ineffectief placebo dat net zo veilig is als de suiker waar het van werd gemaakt. Wat hoe dan ook niet kan, is suggereren dat zo’n middel een (tijdelijke) vervanger zou zijn voor de daadwerkelijk wetenschappelijk bewezen medicatie die van levensbelang is voor patiënten met het HIV virus. Want dat adviseert het Aids Remedy Fund namelijk: “In veel gevallen kan de introductie van antiretrovirale therapie uitgesteld worden, waardoor aanzienlijke kosten bespaard kunnen worden.”

Nee. Nee, dat kan helemaal niet! En deze opmerking staat niet op zichzelf: volgens onderzoeksjournalisten in opdracht van The Independent wimpelen homeopaten die Iquilai voorschrijven stelselmatig het belang van antiretroviralen af. (Zie ook deze e-mail van een Iquilai-voorschrijvende homeopaat in Kenia, of dit interview met dezelfde dame, die ook andere homeopaten traint.) En dat is simpelweg levensgevaarlijk.

Façade
Hiermee is de collectieve dagdroom waarin beoefenaars van homeopathie zich bevinden geen kwestie meer van “baat het niet dan schaadt het niet”. Deze manier van geneesmiddelenonderzoek en -distributie lijkt op doktertje spelen, een façade waar kwetsbare patiënten in een derdewereldland de dupe van zijn. De artsen in kwestie moeten véél beter weten dan dit: “Ik zal de patiënt geen schade doen” houdt niet op bij de grenzen van ons land. Scholten en collega’s zouden voor een medisch ethisch tribunaal moeten verschijnen, en niet voor de burgemeester van Utrecht, om een ridderorde in ontvangst te nemen.

Dit verhaal van het Aids Remedy Fund is tevens een déjà vu. In 2008 leidde eenzelfde casus tot kamervragen: de (deels) met Nederlands belastinggeld opgezette Eva Demaya-kliniek in Malawi bleek ingestraald water te serveren in plaats van virusremmers. De Nederlandse overheid deed verder weinig; tot op de dag van vandaag heeft de Stichting Eva Demaya een ANBI-status. En ook oprichtster Jacqueline Kouwenhoven kreeg een lintje. Want het leven van mensen in Afrika in gevaar brengen met kwakzalverij valt in Nederland blijkbaar onder “onbesproken gedrag”.