matzos

Al een week is in de meeste supermarkten hier in West-Jeruzalem geen kruimel brood meer te vinden. Ook de nijvere consument die het heft dan maar in eigen handen wil nemen, kan nauwelijks nog aan meel of gist komen. De pasta is verstopt achter grote plastic doeken, net als de cruesli en andere ontbijtgranen, en het bier natuurlijk. Het is Pesach, dus al het gefermenteerde graan is uit den boze: het mag niet langer gegeten, of zelfs bezeten worden. Massaal gaat het Joodse volk aan een bowel cleanse van bijna twee weken, waarbij de enige gluten afkomstig zijn van ongefermenteerd matzemeel.

Het Jodendom is niet uniek: bijna iedere religie heeft een set aan voedselregels. Denk aan specifieke voorschriften voor het slachten van dieren, periodes van vasten voor Pasen, of tijdens de Ramadan. Veel van die voorschriften zijn ter herdenking van gebeurtenissen uit het religieuze verleden, en lijken zo zeker voor het moderne leven erg arbitrair. In historische context zou er wellicht meer achter kunnen zitten dan de grillige voorkeuren van een groep geestelijken: als reden voor het verbod op varkensvlees wordt bijvoorbeeld infectierisico genoemd, maar het bewijs hiervoor is op zijn minst controversieel.

Maar juist bij dit gebrek aan bewijs is het opmerkelijk hoe effectief religieus opgelegde diëten zijn. Een aanzienlijk deel van de wereldbevolking eet nog steeds geen varkensvlees — nooit! — puur om religieuze of culturele redenen. Het zijn aantallen waar Michel Montignac en Sonja Bakker van watertanden, terwijl zij toch veel meer wetenschap ter tafel brengen. Hun succes en effectiviteit staat weliswaar ter discussie, maar er ís tenminste discussie, en het argument eindigt niet met een bijbeltekst.

Hoe problematisch is het dat religies zo effectief diëten opleggen? Wat zijn eigenlijk de gezondheidseffecten? Dit onderzoeken is lastig: aanhangers van wereldreligies hebben meer gemeen dan alleen dieet, en het effect van voedsel op zich is dus nauwelijks los te zien van andere factoren. Een uitzondering hierop zijn periodes van radicale dieetveranderingen, zoals vasten, die vergeleken kunnen worden met de ‘normale’ situatie. Zo toont een studie uit 1993 hoe de Ramadan de LDL:HDL cholesterolverhouding verlaagt, een positief effect dat ook weken na de Ramadan zichtbaar blijft. Andere onderzoeken spreken dit effect echter tegen: recentere studies (zoals deze uit 2012 met een focus op hartpatiënten en deze uit 2014 die zich richt op jongeren met overgewicht) laten zelfs het tegenovergestelde zien.

Het vasten van orthodoxe Christenen is in de wetenschappelijke literatuur minder controversieel, hoewel hier ook aanzienlijk minder onderzoek aan is verricht dan aan de Ramadan. Met meerdere vastenperiodes per jaar worden cholesterolgehaltes in Grieks Orthodoxe Christenen laag gehouden, volgens een studie uit 2003. Het Boeddhistisch vegetarianisme wordt ook overwegend positief beoordeeld door de wetenschap, hoewel in dit geval het dieet niet los gezien kan worden van andere Boeddhistische gewoontes (zoals mediteren, dat stress vermindert). Onderzoek aan de eetgewoontes van Boeddhistische groepen moeten het doen met niet-religieuze landgenoten als controlegroep.

Aan de eetgewoontes van moderne religies, zoals Mormonisme, is zo mogelijk nog minder onderzoek gedaan — maar waar de wetten van oude religies uit lang vervlogen tijden stammen, zouden Mormoonse voorschriften niet misstaan op bulletins van het voedingscentrum. Geen alcohol, geen sigaretten, geen koffie; het enige verschil met de gezondheid-bewuste Westerse mens is de striktheid waarmee deze regels worden opgevolgd.

In Nederland is inmiddels bijna de helft van de bevolking niet langer religieus. Het diëten gaat echter door, en lijkt bij sommigen de plek in te nemen van een geloof. Aanhangers worden fanatici, voedselhypes een cult. Zonder bovennatuurlijke dwang stort men zich op paleodieten, raw food, en veganisme, maar de passie is onmiskenbaar. En misschien zelfs wel onmisbaar: succesvol diëten gaat een stuk makkelijker met religieus fanatisme.

Wat het Jodendom betreft: een koosjere keuken lijkt geen effect te hebben op de gezondheid, linksom of rechtsom. Ook de gistloze Pesachperiode is een cultureel historisch ritueel, zonder daadwerkelijk meetbare voor- of nadelen. Behalve dan dat het een tikje hinderlijk is voor de niet-Joodse bewoners van West-Jeruzalem.

 

Plaatje boven: Matzos, door Paurian op Flickr (licentie CC BY-NC-ND 2.0).