AndreKuipers

Toenemende studentenaantallen, wetenschapsfestivals, André Kuipers als nationale held: bèta en techniek zijn hot. Toch heeft het gros van de Nederlanders nog bizar weinig gevoel voor wat wetenschappelijk denken inhoudt. Dat kan alleen veranderen door het onderwijs aan te pakken.

“Steeds meer meisjes in het VWO kiezen voor techniek”- kopten verschillende kranten enkele weken geleden. Koos in 2007 slechts 18% van de meisjes een bèta-profiel, dit jaar is dat opgelopen tot 43%. In het VWO kiezen nu zelfs meer leerlingen voor een bèta-profiel dan voor een niet-bèta-profiel. Het lijkt erop dat scholieren doorhebben dat bèta-vakken niet suf zijn en er meer toekomst zit in een technische opleiding dan in een studie rechten of psychologie. Het Platform Bètatechniek, dat als doel heeft meer scholieren te interesseren voor techniek, steekt de hand in eigen boezem. Maar of zij met recht met de eer kunnen strijken valt te betwijfelen: niemand weet waarom wetenschap steeds leuker wordt gevonden, waarom de instroom in bèta-studies ieder jaar stijgt en waarom er ook steeds meer meisjes een bèta-profiel kiezen. Maar dat het gebeurt is een feit.

Wervingsactiviteiten voor de wetenschap
Eén veroorzaker van de gestegen interesse in bèta en techniek zou het steeds grotere aanbod van leuke, aan wetenschap gerelateerde activiteiten kunnen zijn. Elk jaar komen er meer festivals, publiekslezingen en wetenschapscafé’s bij die zich richten op de combinatie wetenschap en een avondje uitgaan. Dit lijkt een groot succes te zijn: zulke activiteiten worden veel bezocht. Het feit dát er blijkbaar mensen zijn die op zaterdagavond een biertje drinken en naar een lezing gaan, inspireert anderen om ook eens een kijkje te nemen. Zo laten jaarlijks vele mensen zich verrassen door coole wetenschap waar ze anders nooit mee in aanraking zouden komen.

Ook voorlichters hebben niet stil gezeten. Activiteiten om meer leerlingen te werven voor bèta en techniek lijken een vaste plek binnen het onderwijs te hebben veroverd. Verschillende universiteiten hebben scholierenacademies opgericht waar basisschoolleerlingen bijvoorbeeld een dagje kunnen meelopen; regionaal zijn wetenschapsknooppunten ontstaan, waar basisscholen met hogescholen en universiteiten activiteiten voor wetenschap- en techniekeducatie kunnen opzetten; het landelijk expertisebureau meisjes en beta/techniek, VHTO (opgericht in 1983 toen slechts 2% van de HTS-studenten vrouw was) probeert al dertig jaar meer meisjes in de techniek te krijgen – en zo zijn er nog wel meer voorbeelden te noemen. Deze acitiveiten lijken hun vruchten af te werpen, in ieder geval in de studentenaantallen.  

Het belang van beter onderwijs in wetenschap
Dit is allemaal positief, maar laten we vooral de jubelende persberichten over stijgende studentenaantallen en interesse in wetenschap met een korreltje zout nemen. Als er zoveel meer mensen techniek studeren, lezingen bezoeken, zich laten onderdompelen in wetenschap, waarom is het begrip van wetenschap toch nog steeds ondermaats? Journalisten maken er vaak een potje van, veel mensen weten niet wat wetenschap is, of geloven dat wetenschap ook maar een mening is. Waarom is een echt begrip van hoe wetenschap werkt niet aanwezig?

Ondanks alle inspanningen in de goede richting is het exacte onderwijs nog niet op niveau. Wetenschap wordt, zowel op de midelbare school als op de universiteit, vaak erg rechtlijnig uitgelegd, volgens een te simpele structuur: er is een vraag, een wetenschapper doet onderzoek, vindt het resultaat en publiceert hierover. Dat de praktijk weerbarstiger is komt niet aan de orde. Helaas is er op een wetenschapsfestival ook te weinig tijd om meer de diepte in te gaan, hier moet wetenschap vooral leuk zijn. Daardoor komen mensen pas in aanraking met échte wetenschap als ze echt wetenschappelijk onderzoek doen.

Onderwijzen hoe wetenschap écht werkt is cruciaal om een goed begrip van wetenschap op te bouwen. Alleen daardoor kunnen mensen onderzoek op waarde schatten, kunnen zij verpakte reclameboodschappen onderscheiden van gedegen onderzoek. Alleen dan zullen mensen snappen dat wetenschap vooral hard werken is, en niet alleen een opeenstapeling van coole experimenten. Het project “Ware Wetenschap” van de Volkskrant is een goed voorbeeld van hoe dit begrip vergroot kan worden.  Ook leerlingen actief zelf wetenschappelijk onderzoek laten doen is een stap in de goede richting. Beter wetenschapsonderwijs is nodig om al die leerlingen die nu een bèta-profiel kiezen ook blijvend te interesseren voor wetenschap. Als we dát voor elkaar krijgen, kan het niet anders dan dat echt iedereen wetenschap leuk gaat vinden, en wil in 2020 iedereen wiskunde studeren.