Digital_Video_Baby_Monitor_MBP36

Ouders van nu maken handig gebruik van nieuwe technische ontwikkelingen om toezicht te houden op hun kroost. Jonge kinderen met een eigen mobieltje zijn al lang geen uitzondering meer en ook baby’s worden op vernuftige manieren in de gaten gehouden. Is dit in het belang van het opgroeiende kind of draait het vooral om Big Momma en haar onzekerheid?

Ouders hoeven niet langer genoegen te nemen met een babyfoon waar alleen geluid uit komt. De nieuwste modellen zijn uitgerust met een camera en soms is dat er zelfs een met nachtzicht. Via WiFi is de baby overal in huis te horen en te zien op een ontvanger met een klein kleurenscherm. Maar het signaal van de camera kan ook door de tv opgepikt worden zodat papa en mama ‘live’ op hun eigen opvoedkanaal kunnen zien hoe zoetjes de baby ligt te slapen.

Voor wie zo’n draadloos videobewakingssysteem onvoldoende vindt, zijn er bewegingsmelders die direct waarschuwen als peuters het wagen uit hun bedje te kruipen. Hetzelfde technologische snufje, maar nu in de vorm van een matje met bewegingssensor voor in de wieg, garandeert dat ouders een alarmsignaal ontvangen als de ademhaling plotseling stokt.

Moderne babyfoons zijn niet alleen populair bij gadgetfreaks, maar aantrekkelijk voor een grote groep ouders. Is dit omdat ze de mogelijkheid geven alle zorg en aandacht te geven die de baby verdient? Of beheerst angst het leven en de opvoeding van ouders van nu en moet de technologie zorgen voor een veilig gevoel?

Margaret Nelson, hoogleraar sociologie aan Middlebury College in de Amerikaanse staat Vermont, doet onderzoek naar de invloed van technologische veranderingen op de opvoeding. In 2008 publiceerde ze in Journal of Family Issues over de inhoud van 102 online productbeoordelingen van babyfoons. Naast de mening van iedere recensent over technische aspecten, zoals de helderheid van het geluid of het bedieningsgemak, viel tussen de regels door veel te lezen over wat moeders met het apparaat doen en hoe ze de opvoeding beleven.

Het eerste wat de Amerikaanse sociologe opviel is dat de babyfoon niet alleen uit de kast gehaald wordt voor een gezellig avondje bij de buren. Een van de moeders vond de ademhaling van haar baby zo rustgevend dat zij ook onder de douche en bij het doen van de was bleef meeluisteren. Een andere moeder was zo verknocht geraakt aan het veilige idee van een slapende baby op een waakzaam sensormatje dat zij serieus overwoog haar toevallig in de box in slaap gevallen baby te wekken. Uiteraard om hem vervolgens terug in de wieg te kunnen leggen.

De recensenten deelden het gevoel dat het normaal is om voortdurend ongerust te zijn over het wel en wee van je baby. Het grootste deel was van mening dat babyfoons onmisbaar zijn. De baby is immers een kwetsbaar wezen, dat geen moment aan zijn lot kan worden overgelaten. Dat zou je overbezorgdheid kunnen noemen, maar sommige productbeoordelingen gaven aanleiding om te spreken van ernstige opvoedingsonzekerheid of van regelrechte achterdocht. Zo prees een ouder zijn babyfoon aan omdat die zo geschikt was om het spel van zijn kroost boven op de zolderkamer te kunnen volgen. Indien nodig riep hij de kinderen met de stem van god, dat wil zeggen via de ingebouwde intercom, tot de orde. De Britse socioloog Frank Furedi, schrijver van het boek ‘Paranoid Parenting’ en hoogleraar aan de Universiteit van Kent, lijkt zo gelijk te krijgen. Hij beweert al langer dat ouders tegenwoordig in alles dat zich buiten hun zicht afspeelt gevaar zien, terwijl ze dat vroeger spelen noemden.

Uit het onderzoek van Margaret Nelson komt het beeld naar voren van een groep moeders die liever vertrouwt op een knipperend lampje dan op hun eigen opvoedingsinstinct. Van de ruim honderd recensenten was er slechts één moeder die twijfelde aan het nut van de babyfoon en dat was omdat de consultatiearts haar had geadviseerd niet bij ieder geluid meteen uit bed te springen.

Een zinnig advies want baby’s krijgen zo de kans zich zelf weer in slaap te sussen. Big Momma profiteert ook, want zij slaapt eindelijk weer eens een paar uur achter elkaar. En als ook wat oudere kinderen iets vrijer gelaten worden, kunnen ze voor zichzelf uitvinden hoe een ruzie uitgepraat kan worden of hoe je de goede vrede bewaart tijdens een zwaardgevecht. Kortom, zijn ouders niet een beetje egoïstisch bezig als ze kinderen zulke levenslessen onthouden puur en alleen voor hun eigen gemoedsrust?

Dr. Peter Hoffenaar is docent aan de afdeling Pedagogiek, Onderwijskunde en Lerarenopleiding Universiteit van Amsterdam en instituutsopleider bij de Universitaire Pabo van Amsterdam