Een maand geleden presenteerden artsen en het RIVM op het NOS journaal oud nieuws: ons buikvet moet weg. Meer dan de helft van de Nederlanders zijn te zwaar, en lopen daarmee risico op veel gezondheidsproblemen, waaronder diabetes. Ouderdomsdiabetes ontstaat door ontregeling van de suikerspiegel omdat het lichaam het vele eten en het stilzitten op een gegeven moment niet meer aan kan. Een manier om diabetes te voorkomen is dus minder eten. Dat betekent echter niet dat we massaal aan de rauwkost moeten: nog beter is het om meer te bewegen. Ook oud nieuws? Niet helemaal, want sinds kort weten we ook waarom: nieuw onderzoek, onlangs gepubliceerd in Nature, laat zien dat juist met een vet dieet, diabetes alleen vermeden kan worden door te sporten.

Autofagocytose

De hoofdrolspeler in dit verhaal is een proces dat autofagocytose heet, letterlijk: het opeten van de eigen cellen. De meeste cellen in ons lijf doen dit dagelijks – het is eigenlijk niets anders dan puin ruimen. Eiwitten en organen die binnen de cel niet goed functioneren worden opgeruimd, de onderdelen worden afgebroken en de bouwstenen kunnen vervolgens weer worden hergebruikt. Hiermee houdt het lichaam haar cellen gezond. In de laatste jaren is duidelijk geworden dat autofagocytose bij een aantal ziektes een rol speelt, en nu blijkt dat ook lichamelijke inspanning dit proces inzet en hardwerkende spiercellen ermee in vorm houdt.

Een groep onderzoekers, onder leiding van Beth Levine , wilde te weten komen of autofagocytose nodig is om de spierstofwisseling tijdens inspanning in stand te houden. Bij inspanning moeten er namelijk meer suikers uit het bloed door de spier worden opgenomen. Voor het onderzoek gebruikten ze muizen die genetisch zo aangepast waren dat het autofagocytoseproces zichtbaar was. Zo zagen de onderzoekers dat muizen die aan het rennen werden gezet inderdaad de autofagocytose in hun spieren activeerden. Als het proces verstoord was door een genetisch defect, hadden de muizen minder uithoudingsvermogen en konden ze hun suikerverbranding niet goed aanpassen aan de verhoogde eisen. Autofagocytose bleek dus inderdaad het proces te zijn waarmee de muizen hun stofwisseling op peil hielden.

Maar ook zonder intensieve beweging had een muis op een normaal dieet geen suikerproblemen. Moeilijker was het voor muizen die te veel lichaamsvet hadden: die moesten extra inspanning leveren om hun spierstofwisseling op peil te houden. Dit werd getest met muizen die eerst een maand lang vetrijk aten, en daarna aan het rennen werden gezet. De muizen met veel lichaamsbeweging deden het prima: ze waren ongevoelig voor diabetes, en hadden hun suikerhuishouding prima onder controle, ondanks hun vette dieet. Maar renden de dieren niet of was het autofagocytoseproces verstoord, dan lukte het niet om de suikerspiegel in balans te houden. En met een verstoorde suikerspiegel ligt diabetes op de loer.

Norm

De vraag is nu hoeveel de mens moet bewegen om gezond te blijven. De Nederlandse Norm Gezond Bewegen NNGB raadt ons aan om minstens vijf dagen in de week een half uur per dag te bewegen, en de meeste volwassenen halen dat. Dat is overigens geen reden voor een schouderklopje: naast de NNGB wordt ook een fitnorm gehandhaafd die vergt dat men drie keer per week 20 minuten lang zweet en buiten adem raakt. En dat halen maar 20% van de volwassenen. Bij kinderen is de situatie nog problematischer: 12% van de kinderen voldoet zelfs niet aan de meest basale bewegingshoeveelheid (zie hier). Dit is een ernstige zaak. We gaan gemotoriseerd naar het werk, de kinderen spelen minder buiten, en bewegen minder; het gaat dus al vroeg mis.

Het onderzoek van Beth Levine en collega’s laat zien hoe intensieve lichaamsbeweging ons weerbaar maakt tegen onze ongezonde levensstijl: diëten stimuleert de lichaamseigen vuilnisdienst niet, en veel beweging is dus echt de enige methode om langdurig gezond te blijven. Zeker met een vetrijk dieet is regelmatig intensief bewegen van cruciaal belang om niet gevoelig te worden voor ouderdomsdiabetes. Oud nieuws? Met de gegevens van het RIVM in de hand lijkt het geen kwaad te kunnen om de boodschap nogmaals te herhalen. Volg het voorbeeld van de muizen, en ren!