Met veel bombarie werd in 2005 marktwerking binnengehaald als de panacée voor de vermeende problemen in de zorgsector. Ondanks het feit dat Nederland een zorgsysteem had dat goedkoper en gemiddeld beter was dan het voorbeeld nummer één van marktgestuurde zorg (Amerika), heeft de overheid gemeend het solidariteitssysteem te moeten ontmantelen, om er een marktgestuurde sector van te maken. Tijd voor een interim-analyse: hieronder komen de voornaamste winnaars van het nieuwe systeem aan bod. De enige die er grosso modo op achteruitgaat is de patiënt zelf, maar dat is een andere discussie.

De politiek en de verzekeraars
Vroeger was gezondheidszorg een vervelende portefeuille: politici moesten helpen om de moeilijke afwegingen te maken over de balans tussen een acceptabel niveau van de basiszorg en de maatschappelijke kosten daarvan. De verantwoordelijkheid voor die lastige, electoraal moeilijk uit te leggen overwegingen heeft de politiek nu bij de buren geparkeerd. Laat de markt de pijnlijke beslissingen maar nemen, of beter nog: het maakt geen donder meer uit of er pijnlijke beslissingen worden genomen, want uiteindelijk wordt het financiële risico via de premies afgewenteld op de individuele burger.

Momenteel geven we al bijna 15 procent van het BBP uit aan zorg, maar we zijn hard op weg Amerika (17.4 procent) in te halen. Dat is vooral mooi voor de verzekeraars: zij zijn de absolute winnaars van de privatisering van de zorg. Net als de meeste makelaars verdienen zij een percentage van de totale omzet aan kosten die door hun bedrijven wordt uitgekeerd. De verzekeraars hebben er dus baat bij om ofwel de totale kosten van de zorg omhoog te schroeven, ofwel het percentage dat ze op de omzet verdienen. In het voor hen ideale scenario, wat zich voor onze ogen momenteel voltrekt, lukt dat beide.

Farmaceuten en fabrikanten
Aangezien meer marktwerking via de bovengenoemde prikkels leidt tot meer zorgvolume worden er ook meer pillen voorgeschreven en behandelingen uitgevoerd. Ook voor de farmacie is marktwerking dus fijn. Daarnaast levert een groter zorgvolume ook meer kansen op voor extra diagnostiek, bijvoorbeeld met MRI-scans. Aangezien het voor de consument lijkt alsof meer zorg beter is, verkoopt Philips meer scanners.

Ziekenhuizen en specialisten
Althans, een deel daarvan. In een geprivatiseerd systeem sluiten ‘handige’ ziekenhuizen lucratieve deals en leveren alleen nog de zorg die veel oplevert. Zolang het totale zorgvolume stijgt kunnen ze bovendien gemiddeld meer declareren en daarmee bijvoorbeeld meer mensen betalen en mooiere gebouwen neerzetten. ‘Slecht’ (ook wel ‘integerder’) bestuurde ziekenhuizen, die ook minder lucratieve zorg leveren of bijvoorbeeld de academische centra waar complexe zorg voor zeldzame ziekten wordt verleend, hebben natuurlijk geen voordeel.

Daarnaast maakt het woud aan regelgeving over declaraties het soms mogelijk om slim gebruik te maken van daardoor ontstane perverse marktprikkels. Specialisten of ziekenhuizen die daar snel op inspelen kunnen, totdat zo’n gat gedicht is, in korte tijd flink declareren, waarmee ze hun minder scrupuleloze collegae die gewoon goede zorg willen leveren uiteraard lekker in de kou laten staan.

Ook huisartsen waren in eerste instantie winnaars in het marktsysteem: een vinger laten verbinden door een huisarts is goedkoper dan wanneer het op de eerste hulp gebeurt, en hetzelfde geldt voor een hartfilmpje, moedervlekverwijdering of geplaatst spiraaltje. Voor sommige huisartsen, die in de beginjaren flink investeerden in bijvoorbeeld eigen ECG-apparaten, leverde dit veel extra omzet op (terwijl het mogelijk landelijk gezien wat geld bespaarde). Inmiddels sluit het net zich overigens rond deze groep: in stap twee proberen de verzekeraars die nieuwe huisartsenkosten weer verder te beperken, waarmee ze dus een dubbele besparing kunnen bereiken.

Kwakzalvers en ‘vrije jongens’
De wildgroei aan aanvullende verzekeringen die de meest zotte zorg vergoeden levert mooie inkomsten op voor verkopers van niet-bewezen of overbodige behandelingen en diagnostiek. Mooie voorbeelden: oogklinieken die alleen de lucratieve laserbehandelingen doen en de complicaties door de reguliere zorg laten opruimen en de schimmige aanbieders van Total Body Scans die hypochonders (al dan niet via hun verzekering) een pooit uitdraaien. Maar dat is een andere discussie (zie bijvoorbeeld alhier

De enige winnaars onder de patiënten: de superrijken
Marktwerking maakt dat klinieken zich gaan richten op de patiënten die het geld hebben. Hetzelfde zie je in Amerika: de Cleveland Clinic bijvoorbeeld begon een service die specifiek gericht is op oliesjeiks met hartproblemen. Wie heel veel geld heeft wordt bij een beetje pijn op de borst per privéhelikopter of -vliegtuig opgehaald, naar Cleveland gevlogen en daar zo luxueus mogelijk behandeld met zoveel mogelijk sjieke trucjes. Wie het kan betalen mag meteen de OK op. Dat kind met een acute blinde darm moet maar even wachten.