Loop de komende week eens met aandacht langs de supermarktschappen met halfvolle melk. De A-merken zijn bijna altijd langer houdbaar dan de goedkopere merken. Misschien is het echt duurder om melk langer houdbaar te maken. Of zou de supermarktmanager de goedkope melk net iets langer in het magazijn laten staan dan zijn eigen dure merk? De klant let op de houdbaarheidsdatum en heeft vast wel iets over voor melk die langer houdbaar is. Mijn steekproef heeft nog geen tegenvoorbeeld opgeleverd (maar drie supermarkten maken nog geen complottheorie, dus ik zoek nog verder).

Voedselverspilling
Vorige week concludeerde Wageningen UR in een rapport dat de overheid veel voedselverspilling zou kunnen voorkomen door versoepeling of zelfs afschaffing van de ‘ten minste houdbaar tot’-datum voor bepaalde producten. Vaak is die termijn niet systematisch bepaald, verschilt binnen één type product en is veel strikter dan nodig. In Nederland bestaan er twee varianten van de houdbaarheidsdatum: ‘ten minste houdbaar tot’ en ‘niet te gebruiken na’. Dat is vooral een principieel verschil, want veel mensen kijken alleen naar de datum en gooien het product daarna weg. Bij ‘THT’ aanduidingen is dat niet nodig. Daarop drijft de Over Datum Eetclub van Mediametic in Amsterdam, waarvoor de chef-koks voedsel klaarmaken dat officieel al over de datum is. Een gouden greep, want de gemiddelde Nederlander gooit voor ruim 100 euro per jaar aan nog eetbaar voedsel weg.

Streetwise
Maar de verspilling aan eetbaar voedsel in de supermarkt is nog veel groter. Dat werk ik zelf ook in de hand. Hoewel ik niet het hele rek yoghurt doorzoek om bij de verste pakken te komen, voel ik me wel streetwise als ik voor hetzelfde geld het langer houdbare pak in mijn mandje gooi. Daardoor blijft het pak staan dat nog maar een week goed is, terwijl ik mijn yoghurt binnen een week wel op heb. Omdat iedereen dat doet (in mijn steekproef alle zeven personen), blijven stelselmatig de oudere pakken staan, tot ze inderdaad niet meer verkoopbaar zijn en weggegooid worden.

Prijs versus houdbaarheid
Daar is een oplossing voor. Sommige supermarkten geven op de laatste verkoopbare dag korting op producten, maar veel daarvan wordt alsnog niet verkocht. Het principe “langer houdbaar is meer geld waard” zou door middel van elektronische prijsdisplays of RFID-chips uitgebreid kunnen worden tot een gradueel systeem. Een pak dat nog 10 dagen houdbaar is kost 8 cent meer, een pak dat nog 3 dagen houdbaar is kost 24 cent minder dan gemiddeld. (Zie voor andere, spannendere methodes het stuk van Tobias over zuinig eten). De consument kan zelf de afweging maken tussen prijs en houdbaarheid, en pakt niet automatisch het product met de langste houdbaarheid; de supermarkt kan niets meer verdienen aan het achterhouden van producten in het magazijn; en de fabrikant krijgt een extra prikkel om te investeren in systematisch geteste houdbaarheidstermijnen. Daarmee kan veel voedselverspilling worden voorkomen. Hooguit wordt de Over Datum Eetclub een iets gevaarlijkere hobby.