“Dit dorp, ik weet nog hoe het was, de boerenkindr’n in de klas, een kar die ratelt op de keien.” Een iconisch lied, en ook al is het van voor mijn tijd toch word ik bij het horen van de eerste noten, overvallen door melancholiek en zou ik, al was het maar voor even, in een dorp willen wonen. Die nietsontziende verstedelijking waar Sonneveld over zingt is nog vooral in vollegang in ontwikkelingslanden. Zo gek is dat niet want stedelingen zijn over het algemeen rijker en genieten vaker van betere voorzieningen zoals gezondheidszorg. Maar het is niet alles pais en vree; stedelingen worden vaker geconfronteerd met geweldsuitbarstingen en berovingen. Ook mentale ziektes zoals schizofrenie, een aandoening die bijna 1 op de 100 treft, komen vaker bij hen voor. Bij deze ziekte is zelfs een dosis effect te bespeuren; hoe groter de stad hoe groter de kans op schizofrenie.

Waarom de stad zo’n zware psychische last op de mens trekt is onduidelijk, maar als je naar verschillen tussen stad en platteland kijkt valt bevolkingsdichtheid direct op. Uit experimenten blijkt dat overbevolking naast een verandering in sociale interacties, stress en ziekte kan induceren. Sociale stress zou dus een rol bij schizofrenie kunnen spelen. Precies die gedachte had ook Andreas Meyer-Lindenberg van de Universiteit van Heidelberg. Samen met collega’s bedacht hij een experiment om te bepalen of er biologische verschillen in de hersenen te vinden zijn tussen mensen van het platteland, een dorp en een stad wanneer ze ‘sociale stress’ ervaren.

Maar hoe zet je mensen gecontroleerd onder sociale druk? Dat bleek niet al te moeilijk; je laat ze lastige wiskundesommen maken en tegelijkertijd vertel je dat ze onder de maat presteren en vraag je of ze alsjeblieft voort willen maken, de experimenten zijn immers duur en tijd is geld. De menselijke proefkonijnen schoten hierbij direct in de stress; zowel de hartslag, de bloeddruk en het cortisol (stress hormoon) gehalte gingen flink omhoog. Tot zover geen verschillen tussen de deelnemers. Totdat met MRI naar hersenactiviteit werd gekeken.

Direct sprongen twee gebieden in het oog. De amygdala, een gebied in de hersenen dat emoties verwerkt, lichtte op in deelnemers woonachtig in steden en was meer actief naarmate de stad groter was. Een tweede gebied, de cortex cingularis anterior welke de amygdala helpt om emoties te verwerken, was actief in deelnemers die in een stad waren opgegroeid en actiever naarmate deze periode langer was. Deze ondubbelzinnige resultaten wekte verbazing. Het experiment werd daarom meerdere malen in een net iets andere vorm herhaald, met telkens hetzelfde resultaat als gevolg. Dat deze twee gebieden oplichten in stedelingen is ongelofelijk spannend. Want het is de amygdala die geassocieerd wordt met mentale ziektes, de gyrus cinguli met het verwerken van stress en slechte communicatie tussen de twee gebieden wordt vaak waargenomen in schizofreniepatiënten.

Een vervolgstap is om in detail te bepalen welke aspecten het risico op schizofrenie vergroten. Bijvoorbeeld wat is de invloed van huisvesting, de hiërarchische plek van mensen in hun sociale en professionele netwerk, en nu dat de wereld door sociale netwerken als Facebook steeds meer op één grote stad begint te lijken wordt het interessant om te kijken hoe deze ontwikkelingen sociale stress beïnvloeden. Moeten we nu allemaal terug in de tijd en op het platteland gaan wonen om het tot een gezonde oude dag te schoppen? Daar is de stad veel te leuk voor en bovendien is in veel landen bijvoorbeeld het aantal zelfmoorden onder stedelingen flink lager dan in landelijke gebieden. Nog maar even niet verhuizen dus.