40 jaar geleden werd in de senaat van de VS het ‘US National Cancer Act’ aangenomen. Met dit besluit gaf men een grote financiële injectie in het kankeronderzoek, met als doel om het ontstaan van kanker te ontrafelen – en vervolgens de opgedane kennis te gebruiken om kanker beter te kunnen behandelen. Reden genoeg voor het vooraanstaande wetenschappelijke tijdschrift Science een nummer aan dit onderwerp te wijden. Wat is er nou eigenlijk door al het onderzoek bereikt?

Doelstelling van ‘war on cancer’ niet gehaald

Vele miljarden euro’s zijn gebruikt om de biologie rondom kanker te begrijpen. In 2003, formuleerde de toenmalige directeur van het Nationale Kanker Instituut van de VS, Andrew von Eschenbach het doel het lijden en overlijden door kanker in 2015 te elimineren Deze doelstelling was vrij naïef, en je hoeft geen orakel te zijn om te weten dat deze doelstelling niet gehaald gaat worden. Als we namelijk iets hebben geleerd van de kankerstudies dan is het dat de ziekte veel gecompliceerder is dan we dachten. Niet iedere kanker is hetzelfde, elke kanker heeft zelfs vele subvormen- en ook in een tumor zijn niet alle cellen hetzelfde (zie de tumor stamcellen ).

Grote vorderingen

En toch is er veel gebeurd. Er zijn grootschalige epidemiologische studies opgezet die het ziekteverloop in kaart hebben gebracht en het vergelijkingsmateriaal vormen voor huidige studies. Virussen die kanker kunnen veroorzaken zijn ontdekt, en middelen voor de behandeling van borstkanker zoals tamoxifen en herceptin zijn succesvol geïntroduceerd. Ook heeft men de zogenaamde oncogenen en tumorsupressorgenen ontdekt, die tot ontstaan van kanker kunnen leiden als er fouten in ons DNA voorkomen.

Daarnaast is de overlevingskans voor bepaalde soorten kanker waaronder borstkanker en prostaatkanker, met meer dan twee jaar verlengd. Dit goede nieuws gaat overigens niet op voor alle tumoren: lever en alvleesklierkanker zijn bijvoorbeeld nog steeds slecht te behandelen. Een heel wetenschappelijk bericht geeft wel hoop voor de behandeling van alvleesklierkanker. Al is deze nieuwe behandeling geen wondermiddel, heeft het toch het leven van de meeste patiënten in deze klinische studie met een paar maanden weten te verlengen- en dat is al een begin.

Persoons-gerichte therapieën

Wat we in de afgelopen jaren zeker hebben geleerd is dat er vele verschillende soorten kanker bestaan maar ook dat niet iedere patiënt hetzelfde is en het zelfde reageert op een behandeling; de ene patiënt is geholpen met een bepaalde chemotherapie terwijl een ander er alleen de bijwerkingen van zal ondervinden. Dit opmerkelijke verschil wordt veroorzaakt doordat er verschillende subvormen van tumoren bestaan die niet altijd dezelfde eiwitten tot expressie brengen. Daarom wordt nu ook een patiënt met genetische tests onderzocht die de artsen moeten helpen bepalen of de patiënt baat heeft bij een bepaalde behandeling. Daarmee wordt voorkomen dat iemand een chemotherapie onnodig moet doorlopen waardoor de levenskwaliteit van de patiënt aanzienlijk wordt verhoogd. Daarnaast worden vrouwen die een mutatie in een bepaald gen hebben dat het risico op borstkanker aanzienlijk verhoogt, BRCA1/2, regelmatig onderzocht om de tumor in een vroeg stadium de nek om te kunnen draaien. Door deze individuele behandelingswijze zijn er per individu meer tests nodig, maar worden kostbare therapieën alleen aan degene gegeven die er ook baat bij hebben.

Waar zijn we over 40 jaar?

Volgens de stichting KWF kankerbestrijding krijgt één op de drie Nederlanders gedurende zijn leven kanker, dat zijn per jaar ruim 89 duizend mensen, en sterven er jaarlijks bijna 42 duizend mensen als gevolg van kanker. De ziekte is hiermee doodsoorzaak nummer één in Nederland. Wat kunnen we verwachten van de komende 40 jaar kankerbestrijding? Zeker geen wondermiddel dat alle vormen van kanker heelt of zelfs voorkomt. We zullen wel steeds meer verfijnde behandelingsmethodes toegepast zien worden die uitgekiend zijn voor de individuele patiënt. Mijn inziens is het geld en de energie die de afgelopen 40 jaar in het fundamentele kankeronderzoek is gestoken van enorme waarde geweest. Hadden we dat niet gedaan dan wisten we nog steeds maar weinig van de biologie en was het vrijwel onmogelijk geweest om de patiëntgerichte behandelingen van vandaag mogelijk te maken.