Eerder schreef collega wetenschapper André over zijn zorgen wat betreft het ethisch handelen van farmaceutische bedrijven bij het op de markt brengen van nieuwe medicatie.

Aanleiding voor zijn ongerustheid was een verhaal van een collega die op een medisch congres een lezing over ethiek had bijgewoond. In de lezing werd als voorbeeld voor onethisch handelen aangehaald het op de markt brengen van een nieuw medicijn door de Amerikaanse farmaceut Amgen. Volgens de berichten zou Amgen mogelijk bewust informatie hebben achter gehouden bij de eerste indiening voor Europese goedkeuring om het middel bij een zo groot mogelijk publiek voor te kunnen schrijven. De auteur lijkt met zijn voorbeeld te suggereren dat farmaceutische bedrijven niet aan ‘personalized medicine’ zouden doen om vermindering van inkomsten te voorkomen. Zijn mening wordt onderstreept door een opmerking in de inleiding van het artikel die stelt dat. “farmaceuten het liefst medicijnen ontwikkelen voor een zo groot mogelijke groep patiënten, de zogenoemde block-busters”.

Hoewel dit voorbeeld van Amgen niet de schoonheidsprijs verdient en er in dit specifieke geval wellicht inderdaad sprake was van onethisch handelen, is het risico van het voorgaande artikel dat het de aversie van sommige medici en/of wetenschappers tegen de farmaceutische industrie versterkt. Maar zonder farmaceutische bedrijven kunnen de medicijnen waarvan wij als fundamenteel wetenschappers aan de wieg hebben gestaan helemaal niet doorontwikkeld en op de markt gebracht worden.

Een korte zoektocht in bekende boekwinkels levert al snel een hele berg titels op van werken die de werkwijze van de farmaceutische industrie becommentariëren en bekritiseren. Hoe suggestief zijn “Slikken, hoe ziek is de farmaceutische industrie?”, “Allemaal aan de medicijnen, hoe de farmaceutische industrie van iedere consument een patiënt probeert te maken” en “De medicijnenmaffia, geld ego en macht binnen de farmaceutische industrie”? Waar blijven de titels als “Vincristine, het middel dat hielp mijn moeder van borstkanker te genezen”, “Simvastatine, en hoe mijn opa nog steeds bij ons is” en “Ciclosporine, mijn psoriasis eindelijk de baas”? Niet alleen is de berichtgeving over de farmaceutische industrie vaak erg eenzijdig, de rol ervan wordt naar mijn mening overschat.

Het is niet alleen de industrie die een rol speelt in het ethisch gebruik van geneesmiddelen. Artsen en wetenschappers spelen een minstens even grote rol. Het congres waar de collega van de auteur van het artikel over medicatie op maat het verhaal hoorde over Amgen is hoogstwaarschijnlijk (mede-)gesponsord geweest door een of meer farmaceutische bedrijven, jaarlijks krijgen wetenschappers (geld-)prijzen voor hun wetenschappelijk onderzoek van farmaceutische bedrijven, en hoeveel onderzoekers maken niet de overstap van academie naar het bedrijfsleven omdat in het laatste de secundaire voorwaarden stukken beter zijn?

Tenslotte is er de rol van de medici. Zij zijn het die uiteindelijk de middelen voorschrijven. Zij zijn het die op de hoogte moeten blijven van de wetenschappelijke ontwikkelingen en die zich bij elke individuele patiënt moeten afvragen of dit specifieke middel wel het meest logisch is. Zij zijn het die af zouden moeten zien van zogenaamde bijscholingen in een tropisch oord gesponsord door een bedrijf. Een boek dat ik in mijn zoektocht naar literatuur over de farmaceutische industrie tegenkwam en die mijn punt over artsen en hun rol in het gebruik van bepaalde medicijnen goed verwoord is het volgende: “Psychiaters te koop, de invloed van de farmaceutische industrie op het psychiatrisch denken en handelen”. Persoonlijk vind ik dat er van artsen, en dus academici, mag verwacht worden dat ze er een kritische en onafhankelijke blik op hun medische praktijk op nahouden, en dat het te makkelijk is om de farmaceutische industrie overal de schuld van te geven.

Nadine Pouw studeerde fundamentele biomedische wetenschappen in Utrecht en promoveerde in de Tumorimmunologie in het ErasmusMC. Als Medical Information Associate bij een biotechnologisch bedrijf gebruikt ze haar wetenschappelijke achtergrond nu om inhoudelijke vragen van artsen, apothekers, en anderen te beantwoorden.