wetenschap 3.0Welkom in het postmodernisme.  Professor Frank Miedema van Universiteit Utrecht schreef eerder dit jaar het boekje Wetenschap 3.0 over (medische) wetenschappers in deze postmoderne tijd.  In plaats van op Naomi Kleinse wijze farmaceuten te bashen naar aanleiding van de groeiende invloed van markt en bedrijven in de onderzoekswereld, raadt hij de lezer aan de industrie niet bij voorbaat af te wijzen als donor. Maar wetenschap 3.0 is vooral een pleidooi voor een stukje zelfbewustzijn bij de wetenschapper die zich niet alleen bezig moet houden met mogelijke toepassingen van zijn/haar onderzoek maar ook met zijn plek in de maatschappij.

Mensen zijn sceptisch, of het nu gaat om vaccinatieprogramma’s of het klimaat. En tja, wetenschappers zijn ook mensen, en dus niet altijd te vertrouwen. Daarnaast hebben ze vaak hun eigen agenda. Dit laatste is niets nieuws. Miedema wijdt een hoofdstuk aan Louis Pasteur, die zijn succes niet aan zijn ontdekkingen blijkt te ontlenen maar aan zijn verkoop- en fundraisetalenten. Pasteur onderzocht waar het publiek interesse in had. Erger nog, de data in zijn artikelen kwam niet altijd overeen met die uit zijn labjournaal. En er werden in zijn stuk over het hondsdolheidvaccin een aantal dieren en mensen buiten beschouwing gelaten die de testfase niet hadden overleefd.

Natuurlijk zijn de meest succesvolle onderzoekers de beste sprekers en netwerkers. Zo gaat het in elke sector. Het punt is dat wetenschappers een speciale plek in de samenleving innemen omdat hun baan ‘het zoeken naar de waarheid’ is.  Een baan die veel aanzien verwierf in de tijd de wetenschappers deugdzame burgers waren en bovendien financieel onafhankelijk, maar nu wetenschappers steeds meer worden ingezet als consultants van de staat of een bedrijf, is dit beroep aan een herdefinitie toe.

Aan de hand van filosofische en literaire beschouwingen (er zijn zelfs sociologen losgelaten op het lab om dat rare volkje in de witte jas te onderzoeken), probeert Miedema  deze ‘vervreemding tussen de wetenschapper, zijn werk en de wereld daar omheen’ te verklaren. Om misverstanden tussen wetenschappers en de rest uit te bannen, zal de eerste groep het publiek moeten opzoeken. Dit is de enige oplossing volgens Miedema. En laat SciencePalooza hier nou graag aan mee willen werken.

Eén zin in het boek blijft me echter achtervolgen: “Gelukkig voor jonge wetenschappers (is dit) geen thema’’. Nee! Stop! Geef dit boekje aan studenten en laat hen met creatieve manieren komen voor betere wetenschapscommunicatie.