“Vrouwen zijn mannen zonder geld” zei de econoom Paul Samuelson opbeurend toen vrouwen protesteerden tegen de salarisverschillen. Hij is gisteren overleden. De in memoriam van het MIT, zijn laatste werkgever, staat vol met dit soort grappige uitspraken van hem. Z’n leukste uitspraak vind ik dat economen ‘aan een soort zieke hersengymnastiek doen, als overgetrainde atleten die nooit een wedstrijd winnen’. Toch heeft hij wel degelijk wat van die zieke wedstrijdjes gewonnen.

Om te beginnen kreeg hij in 1970 de Nobelprijs, toch niet de minste sportmedaille, voor zijn wiskundig-economische modellen. Maar ook op het politieke vlak had hij impact: vlak voordat Kennedy doodgeschoten werd, had Samuelson hem net overtuigd van het nut van belastingverlagingen (Kennedy’s opvolger zette het door). Hij werd veelvuldig miljonair met een standaardboek voor economiestudenten, waar hij aan begon, zo suggereert de New York Times, omdat hij geld nodig had om de luiers van zijn drieling te kunnen betalen. Dat boek werd een hit, deels vanwege de grappige verteltrant.

Samuelson was degene die economen heeft opgezadeld met een theorie over ‘revealed preferences’, schreef over internationale handel en sociale keuzetheorie en heeft vrijwel alles waar economen over nadachten de afgelopen 70 jaar in wiskundige termen verpakt. Een zwaargewicht, zeg maar.