Het bespelen van een muziekinstrument maakt ons slimmer. Tenminste, veel onderzoeken wijzen die kant op, maar vooralsnog ontbreekt een echte wetenschappelijke bevestiging. Toch is het een leuk idee dat muzikale ontwikkeling je kan helpen bij heel andere vaardigheden. Er zijn bijvoorbeeld onderzoeken geweest die laten zien dat kinderen beter presteren op IQ-tests direct na het volgen van een muziekles, dan ervoor. En dat er een verband is tussen kinderen die goed zijn in muziek, en kinderen die op relatief jonge leeftijd al kunnen lezen. Recent verscheen er weer een artikel over dit onderwerp, van Trainor, Shahin en Roberts. Zij tonen onder andere aan dat een jaar muzieklessen al vruchten afwerpt bij kinderen.

Mijn persoonlijke kritiek op onderzoeken in deze richting was altijd dat juist dit een onderwerp is waar oorzaak en gevolg moeilijk aan te wijzen is. Musici zouden bijvoorbeeld beter zijn in onder andere taal en wiskunde. Dat kunnen we echter net zo goed omdraaien: misschien zijn wiskundigen wel gewoon goede musici. Of, wat misschien nog wel waarschijnlijker is, vereisen zowel wiskunde als muziek wel een bepaalde vaardigheid. Als je die hebt, ben je goed in allebei. Maar dit onderzoek laat zien dat je jezelf echt kunt trainen door middel van muzieklessen.

Trainor, Shahin en Roberts, twee Canadezen en een Amerikaan, meten een verschil in de hersenactiviteit tussen musici en niet-musici. Hetzelfde verschil is meetbaar tussen kinderen die een jaar pianoles hebben gehad, en een controlegroep van kinderen die dit niet hadden. Voorafgaand aan het jaar pianoles was er geen verschil te meten. Het verschil voor en na een jaar muziekles is dus analoog aan het verschil tussen niet-musici en musici, concluderen ze.

Voor wie het precies wil weten: in de eerste fase kregen 20 volwassen musici en 14 volwassen muzikaal ongeschoolden muziek te horen terwijl ze bezig waren met een andere taak. Daarbij werd de gamma-band respons (oscillaties van 40-100 Hz) gemeten. De musici vertoonden een veel sterkere respons dan de niet-musici. Het maakte daarbij geen waarneembaar verschil of het om professionele violisten (11 van de proefpersonen) of amateurpianisten (9 proefpersonen) ging.

In fase twee van het onderzoek ondergingen 12 kinderen van 4½ jaar oud dezelfde metingen. Zij vertoonden allemaal een vergelijkbare respons. De helft van de kinderen kreeg vervolgens een jaar pianoles, en op een leeftijd van 5½ jaar deden beide groepen kinderen hetzelfde experiment opnieuw. Ditmaal was er een duidelijk verschil meetbaar.

Meer dan voorgaande onderzoeken laat dit resultaat zien dat we onze hersenen kunnen trainen met muzieklessen. Al blijft het allemaal nog erg vaag: we meten een verschil tussen musici en niet-musici, en meten hetzelfde verschil voor en na een jaar pianoles bij kinderen. Wat de hoge respons in de gamma-band precies weergeeft, weten we echter niet zeker. Men denkt dat het wijst op aandacht hebben, het gebruik van het geheugen en het verwerken van waarnemingen van meerdere zintuigen tegelijkertijd. Dit blijkt uit recent onderzoek waar Trainor, Shahin en Roberts naar verwijzen. Dat musici een hogere activiteit in dit gebied vertonen, duidt dus op een verband tussen deze vaardigheden en muzikaliteit.

Trainor en kornuiten verwijzen overigens in hun artikel uitgebreid naar allerlei andere onderzoeken op dit gebied. Deze opeenstapeling van kleine resultaten maakt het steeds overtuigender dat muziek in ieder geval geen slechte, en misschien zelfs wel een heel goede invloed heeft op je hersenen. Al deze onderzoeken benadrukken dat het gaat om het zelf bespelen van een instrument, en niet alleen om het passief luisteren naar muziek. Toch een goede reden om je kind op muziekles te doen. Tenslotte een extra argument: ook Albert Einstein speelde viool.