Vorige week was ik voor het congres “alternatives on animal testing in life sciences” in Rome.  Het veld waarin ik werk probeert alternatieven voor dierproeven te ontwikkelen en dit congres was daar geheel aan gewijd. Het interessante van dit congres was dat er behalve wetenschappers (welliswaar de grootste groep) ook allerlei beleidsorganisaties en dierenrechtenorganisaties aanwezig waren. Zo stond er onder andere een stand van stichting proefdiervrij en zat ik op een gegeven moment te eten met een aardige dame van de dierenbescherming.
Het openingspraatje op een van de dagen was gereserveerd voor
Ingrid Newkirk mede-oprichter van de dierenrechtenorganisatie PETA. PETA kun je denk ik, het best omschrijven als de grote radicale Engels-Amerikaanse zus van onze dierenbescherming. Ingrid Newkirk heeft bijvoorbeeld in haar testament laten vastleggen dat na haar dood van haar huid portemonnees en van haar voeten paraplu standaarden moeten worden gemaakt. Van deze Newkirk kregen we een donderpreek waarin het systeem van dierproeven werd vergeleken met de holocaust . We werden bovendien gebombardeerd met allerlei anekdotes over misstanden met proefdieren. Verder werd het ons hard ingewreven dat werken met proefdieren over 50 jaar als achterhaald en barbaars zal worden beschouwd. Toch zaten er naar mijn mening ook enkele rake punten in haar betoog; met name het menselijke superiteitsgevoel ten op zichte van dieren waarbij ze een recent onderzoek over de intelligentie van kraaien aanhaalde (http://noorderlicht.vpro.nl/artikelen/36231400/). De rest van het congres werd er behoorlijk over haar verhaal gediscuseerd. Veel mensen hadden moeite met haar harde toon, immers de meerderheid van het publiek is juist hard bezig met het ontwikkelen van alternatieven voor dierproeven. Tegelijkertijd zijn wetenschappers het er ook over eens dat dierproeven zoveel mogelijk moeten worden beperkt. Op het congres werd het me ook duidelijk dat het belangrijk is om ook de beleidorganisaties meekrijgen. Deze organisaties die bijvoorbeeld beleid t.a..v. toxiciteitstesten bepalen, zijn vaak erg conservatief in de toelating van alternatieve testen.