Borstkanker treft meer dan 10 procent van de vrouwen in Nederland. Nu blijkt uit een overzichtsstudie dat 1 op de 3 vrouwen met borstkanker “overgediagnosticeerd” wordt. Dat betekent dat als de tumor niet ontdekt zou zijn, de vrouw er niet aan overleden was en er zelfs geen last van had gehad. Dit blijkt uit een net gepubliceerd overzicht van onderzoeken in het Verenigd Koninkrijk, Zweden, Noorwegen, Canada en Australië (www.bmj.com). In al deze landen worden, net als in Nederland, vrouwen van een bepaalde leeftijdscategorie regelmatig opgeroepen voor een borstkankerscreening. Weegt het nut van de mammobiel (liefkozend ‘de tietenbus’ genoemd) op tegen zoveel onnodige ingrepen?

Het bevolkingsonderzoek is niet voor niets ingevoerd. Van de 900.000 vrouwen die zich in Nederland elke twee jaar laten onderzoeken, wordt bij 12.000 vrouwen borstkanker geconstateerd. Door het vroege ontdekken van de tumor overlijden 700 mensen per 2 jaar minder, aldus de folder van de RIVM over het bevolkingsonderzoek. Dat wil ik beslist niet bagatelliseren. Maar als we de lijn van de bevindingen in andere landen doortrekken, worden er ook 4000 vrouwen onnodig behandeld. Daarom vind ik dat we met de nieuwverworven kennis een nieuwe afweging moeten maken.

Voor veel vrouwen is de afweging tussen een onnodige behandeling en een onnodige dood een gemakkelijke keuze. Maar op populatieniveau is het dat niet. De balans moet worden opgemaakt op basis van de percentages, en die blijken nu anders te liggen dan we dachten. Een overdiagnose, een gevonden tumor die weer verdwijnt of niet verder uitgroeit, resulteert bijna altijd in een zware borstkankerbehandeling. Dat varieert van een borstbesparende operatie met bestraling tot amputatie gevolgd door chemotherapie. In Nederland zijn het omgerekend 4 per 1000 gescreende vrouwen, die onnodig doodsangsten uitstaan en dure behandelingen ondergaan. Daarbovenop komt nog een aantal vrouwen bij wie kanker vroeger wordt vastgesteld, zonder dat dat iets aan hun genezings- of overlevingskans verandert, en er zijn ongeveer 10 ‘vals alarm’-gevallen per 1000 gescreende vrouwen bij wie uiteindelijk geen kanker wordt vastgesteld.

De Europese richtlijn voor screening (het streven is om alle vrouwen in de EU tussen 50 en 69 jaar eens per twee jaar te screenen) is gebaseerd op de oude getallen over overbehandeling. Is de richtlijn nog wel de juiste, nu een op de drie gevonden tumoren nutteloos behandeld wordt? Met genetische tests zoals de ‘mammaprint’ zouden de zware onnodige behandelingen deels voorkomen kunnen worden, maar die zijn nu nog zo duur dat ze niet voor bevolkingsonderzoek ingezet worden. Tot die tests verder ontwikkeld zijn, moet er een nieuwe discussie komen over de Europese richtlijn voor screening. Voor sommige vrouwen weegt het onnodige leed dat de tietenbus veroorzaakt, drie keer zo veel onnodig leed als we tot nu toe dachten, niet op tegen de kans op een gered leven.

Dit stuk verscheen ook op de Opinie pagina van de Volkskrantsite