Leven(de) waterbouwKen je de uitdrukking “God created the world but the Dutch created the Netherlands”? Ik hoorde deze uitdrukking de eerste keer uit de mond van een Amerikaan en ik voelde me er wel stoer onder als Nederlander. Inmiddels worden we stukje bij beetje ietsje minder stoer en steeds vaker wordt serieus de vraag gesteld hoe we in de toekomst ons hoofd boven water gaan houden in Nederland. Goed voorbeeld hiervan is het recent uitgekomen advies van de Deltacommissie, waarin staat welke maatregelen nodig zijn om Nederland te beschermen tegen de gevolgen van klimaatsverandering, zoals zeepspiegelstijging. Ons land zakt, de zeespiegel stijgt, hoe hoog moeten de dijken in de toekomst wel niet worden?

De urgentie van deze waterproblematiek maakt de weg vrij voor innovatieve oplossingen, waarbij niet enkel vanuit een ingenieursperspectief wordt gekeken, maar waarbij juist ook ruimte voor ecologie en duurzaamheid is. Vooral het laatste is belangrijk, want duurzame oplossingen kunnen investeringen in het continu aanpassen van de waterkeringen beperken. Daarom is als tegenhanger van de ‘harde’ kustverdediging, nu steeds meer interesse voor ‘zachte’, meer natuurlijke, vormen van kustverdediging.

Bij zachte manieren voor kustverdediging moet je denken aan natuurlijke elementen, die gebruikt kunnen worden om de functie van de dijk aan te vullen. Een voorbeeld is de aanwezigheid van schorren of kwelders, een soort buitendijkse graslanden, die zijn opgehoogd door invang van sediment, voor de dijk. Deze zoutmoerassen remmen de golven en de stroming en daardoor kan aanzienlijk worden bespaard op onderhoud en versteviging van de achterliggende dijk. Hetzelfde gaat op voor grote mossel- of oesterbanken. Ook deze structuren remmen de golven en vangen sediment in waardoor ze ophogen. In zoete gebieden is eenzelfde functie weggelegd voor rietmoerassen, die golven kunnen dempen en daarmee erosie kunnen voorkomen.

Het mooie is dat natuurlijke vormen van kustverdediging ook nog allerlei positieve neveneffecten hebben. Zo zijn ze bijvoorbeeld landschappelijk aantrekkelijk, helpen ze bij het helder houden en zuiveren van het water en leggen ze behoorlijke hoeveelheden CO2 vast. Bovendien kunnen natuurlijke kustverdedigers zich aanpassen aan een stijgende zeespiegel. Doordat de organismen stroming afremmen en golven dempen vangen ze ook veel sediment in, dat in het water aanwezig was. Op die manier hogen ze hun omgeving langzaam op en zullen bij een stijgende zeepspiegel gewoon mee de hoogte in groeien. Waar harde kustverdediging in het geval van zeespiegelstijging continu zal moeten worden aangepast, doet natuurlijke kustverdediging dit gewoon zelf. Lekker goedkoop dus!

(zie ook: http://www.rijkswaterstaat.nl/projecten/innovatie/winn/sediment/biobouwers/)