Even gedacht dat er goed nieuws was over malaria. In Nature zag ik dat er goede resultaten behaald waren met een vaccin en in het Malaria Journal zag ik dat er in Rwanda en Ethiopië minder kinderen doodgingen aan malaria, simpelweg door het gebruik van muskietennetten en medicijnen. Maar toen ik verder las werd ik toch een beetje pessimistisch. Vier artikelen in het Malaria Journal van januari gaan over resistentie.

Het is allang duidelijk dat de malaria parasiet verdomd snel kan evolueren en resistent wordt tegen onze anti-malaria medicijnen. Tegenwoordig wordt er dan ook steeds vaker combinatie therapie gebruikt. Dat is natuurlijk een slim idee. Bij gebruik van twee of meer medicijnen heeft een parasiet meteen een hele zwik mutaties nodig om resistent te worden, en dat zal niet zo snel gebeuren. Bij HIV werkt het precies zo. Door het gebruik van combinatie therapie kan men tegenwoordig met HIV behoorlijk oud worden.

Bij malaria is het ingewikkelder. In Cambodja krijgt bijvoorbeeld iedereen die malaria heeft combinatie therapie van twee medicijnen: artesunate en mefloquine. Dat is goed. Het zal niet snel voorkomen dat een niet-resistente malaria parasiet in een Cambodjaanse patiënt plotseling resistent wordt tegen allebei de medicijnen. En als de parasiet resistent wordt tegen één van de medicijnen, dan helpt het hem niets, want de parasiet gaat door het andere medicijn nog steeds dood. En de patiënt wordt beter. Maar de Cambodjaanse artsen kunnen niet controleren wat elders gebeurt. Als Thaise patiënten bijvoorbeeld maar één van de medicijnen krijgen, zeg mefloquine, kan daar resistentie ontstaan tegen mefloquine. En die resistente parasieten kunnen natuurlijk door muggen over de grens naar Cambodja wordt gevlogen en daar Cambodjaanse patiënten besmetten. Deze patiënten krijgen dan combinatie therapie van artesunate en mefloquine, terwijl mefloquine helemaal geen effect heeft op de parasieten. En dan heeft de combinatie therapie natuurlijk weinig zin.

In het Malaria Journal staat nu dat er in Cambodja al resistentie bestaat tegen de standaard combinatie therapie. En dat is echt erg. Als deze resistente malaria parasieten zich over het land of het continent verspreiden kan het zijn dat de combinatie therapie snel nutteloos wordt in heel Azië. Doordat resistente parasieten voortdurend door muggen (en mensen) verspreid worden is resistentie in Malaria een veel groter probleem dan resistentie bij HIV. Bij HIV is het meestal zo dat resistentie wel kan ontstaan in individuele patiënten, maar zich niet snel verspreidt. Om resistentie van HIV te voorkomen kan een patiënt combinatie therapie nemen (wat tegenwoordig standaard is). Als er toch resistentie ontstaat moet een patiënt met een ander medicijn starten, en dat is, in ieder geval in rijke landen, geen probleem. Bij het ontstaan van resistentie van malaria zouden miljoenen mensen een ander medicijn moeten gaan nemen.

De beste en simpelste oplossing is dat we zoveel mogelijk inzetten op muskietennetten. Mensen die niet gestoken worden worden niet ziek en hebben geen medicijnen nodig. En minder medicijngebruik betekent dat er minder resistentie ontstaat. En dat maakt weer dat de medicijnen langer meegaan.