In de laatste week van dit jaar schrijven de auteurs van sciencepalooza over hun wetenschappelijke hoogte- en dieptepunten van 2008, en over de torenhoge verwachtingen die ze voor het komende jaar hebben. Legio onderwerpen zullen de revue passeren: van de LHC tot het klimaat, van Obama tot Fokke en Sukke, van de grootste misverstanden in de genetica tot de grootste flops van het jaar. Tot en met 2 januari bijna elka dag een nieuwe aflevering, mis er geen één!

Drie dagen voor het einde van het jaar bespreekt Pleuni de leukste populair wetenschappelijke boeken die ze dit jaar met kaft en al heeft verslonden. In willekeurige volgorde welteverstaan:

Steven Epstein: Impure Science, AIDS, Activism, And The Politics Of Knowledge

Dit boek bestaat uit twee delen en ze zijn allebei erg interessant. Het eerste deel gaat over hoe HIV ontdekt wordt en hoe wetenschappers, media en activisten snel of juist niet accepteren dat HIV de oorzaak is van AIDS. Vooral één wetenschapper, Nobelprijswinnaar Peter Duesberg, gelooft niet dat HIV de oorzaak is van AIDS. Hij werkt niet aan AIDS maar heeft een Nobelprijs op zak. De media wil maar al te graag naar hem luisteren en het lukt hem te publiceren in prestigieuze tijdschriften zoals PNAS. AIDS onderzoekers weten niet goed hoe ze moeten reageren: negeren of de discussie aangaan?

Het tweede deel van het boek gaat vooral over HIV medicijnen en hoe die getest worden en vrijgegeven worden voor gebruik. Normaal gesproken worden nieuwe medicijnen blind en met placebo getest. Dat wil zeggen, de helft van de patiënten in de proef krijgt een placebo. Arts en patiënt weten niet wie placebo en wie het echte spul krijgt. AIDS patiënten vonden dat (terecht) onacceptabel en eisten dat iedereen de medicijnen kon krijgen. Daarvoor hebben ze zowel op straat als in officiële commissies gevochten en uiteindelijk ook met veel succes.

Jonathan Weiner: The Beak Of The Finch

Ik dacht dat ik heel wat wist over evolutiebiologie, maar ik moet toegeven dat ik uit dit boek echt veel geleerd heb. Het is mooi geschreven en beschrijft heel veel interessante onderzoekers en onderzoeken. De hoofdpersonen van het boek zijn Peter en Rosemary Grant. De Grants hebben 20 jaar lang onderzoek gedaan naar natuurlijke selectie bij Darwin vinken op de Galapagos eilanden – en duidelijk laten zien dat natuurlijke selectie echt bestaat! Jammer genoeg houden ze niet zo van congressen, ik heb ze nog nooit ergens gezien. Weiner heeft een ‘Pulitzer prize’ gekregen voor het boek.

Mark Ridley: Francis Crick, The Discoverer Of The Genetic Code

Mark Ridley is the schrijver die ik zou willen zijn en Crick is de onderzoeker die ik zou willen zijn. Als de één de ander beschrijft is dat inspirerend. Het boek beschrijft natuurlijk het verhaal van Crick en Watson die de dubbele helix ontdekken, maar het beschrijft ook de minder bekende maar minstens net zo interessante zoektocht naar de genetische code. Er staan ook leuke persoonlijke anekdotes in zoals het verhaal dat Crick als kind bezorgd aan zijn moeder vroeg of er later voor hem nog wel wat te ontdekken zou zijn.

Steven Levitt and Stephen Dubner: Freakonomics

Deze economen bedrijven een soort econo-informatics. Ze halen onverwachte dingen uit onverwachte data-sets. Ik vond het echt cool en heb geleerd wat het effect is van abortus op misdaad-cijfers, van motivatie van scholieren op school succes, en van geld op wie de verkiezingen wint (antwoorden: groot, groot, verassend klein).

David Quammen: The Reluctant Mister Darwin

Als evolutiebioloog vond ik het altijd een beetje gênant dat ik niet eens “De reis van de Beagle” (het makkelijkste boek van Darwin) uitgelezen had. Nu heb ik dan tenminste een boek over Darwin gelezen. Dit boek van Quammen is erg goed geschreven en ik kan het iedereen aanraden die wat wil leren over de mens Darwin en zijn werk. Zeker in het Darwin jaar 2009!