Miljoenen mensen zijn met HIV geïnfecteerd en gaan ervan uit dat ze dat de rest van hun leven blijven. Er zijn wel enkele gevallen bekend waar mensen spontaan van HIV positief weer HIV negatief zijn geworden, maar dat zijn er echt heel weinig en het is onduidelijk hoe dat is gebeurd. Met medicijnen lijkt het in ieder geval onmogelijk. Het virus zit in allerlei cellen in het lichaam, en een deel van deze cellen kan tot tientallen jaren inactief zijn en dan weer beginnen met het produceren van virus. Verhalen over HIV “genezingen” zijn daarom altijd spektakulair – en worden niet snel geloofd. Ik vind het volgende Berlijnse verhaal toch de moeite van het vertellen waard. Gisteren kwam op het Duitse nieuws een verhaal over een Amerikaanse patiënt in Berlijn die 10 jaar lang geïnfecteerd was met HIV maar nu wellicht niet meer. De patiënt had leukemie en HIV en werd voor leukemie behandeld in het Berlijnse Charité ziekenhuis. Voor de leukemie bleek een beenmergtransplantatie nodig.

In de jaren tachtig en negentig is al bij meer dan 30 patiënten geprobeerd het AIDS virus uit te roeien door een beenmergtransplantatie. Bij een beenmergtransplantatie wordt eerst extreem zware chemotherapie gegeven. Door deze chemotherapie sterven alle delende cellen in het lichaam inclusief de cellen in het beenmerg. Deze beenmergcellen worden dan in de weken na de transplantatie vervangen door de donor cellen. De hoop was dat de zware chemotherapie ook alle HIV geïnfecteerde cellen zou doden. In een paar gevallen leek dat ook te lukken, en dokters hoopten dat deze patiënten voor altijd vrij van HIV waren. Helaas overleefden de patiënten de zware behandelingen niet. In 2007 publiceerden Franse artsen nog over een patiënt die 4 maanden lang HIV-negatief leek na een beenmerg transplantatie. Toen de patiënt kort met zijn HIV medicijnen stopte bleek echter het virus nog steeds aanwezig. 191 dagen na de transplantatie stierf de patiënt. De artsen in Berlijn wisten natuurlijk van deze gegevens. Daarom hebben ze nog iets beters geprobeerd: ze zochten een HIV-resistente beenmergdonor.

De artsen vonden een donor die qua immuunsysteem paste bij de patiënt en bovendien een zogenaamde “CCR5 delta 32 deletie” had. Het CCR5 gen codeert voor een receptor die HIV nodig heeft om menselijke cellen binnen te komen. Bij mensen met een CCR5 delta 32 deletie missen 32 baseparen van het gen waardoor de receptor niet goed werkt. Ongeveer 1 procent van alle Europeanen heeft twee kappotte CCR5 kopieën en zijn vrijwel resistent tegen HIV. Twee jaar geleden kreeg de patiënt de beenmergtransplantatie van de donor met CCR5 deletie. Alles ging goed en de patiënt was van leukemie genezen. Vlak na de transplantatie kon hij geen HIV-medicijnen nemen. Het plan was om weer te beginnen zodra het virus weer de kop op zou steken. Maar dat deed het niet! En nu, 2 jaar later is het er nog steeds niet. De artsen hebben uitgebreid getest, maar geen HIV-deeltjes kunnen vinden in bloed, zenuwcellen en verschillende organen. Het lijkt erop dat de patiënt dankzij de transplantatie HIV resistent is geworden en daardoor HIV-negatief is geworden.

Het niet vinden van HIV-deeltjes is natuurlijk nog steeds geen bewijs dat het virus echt weg is. Maar het is sowieso spektakulair dat het al twee jaar niet gevonden wordt (en dat de patient nog leeft!). En dat zonder dat de man HIV-medicijnen slikt. Helaas zijn de overlevingskansen bij beenmergtransplantaties nog steeds slecht (20-30% van de patiënten overleeft het niet). HIV patiënten zonder leukemie zullen dus voorlopig bij hun normale HIV-medicijnen blijven.

Kijk hier voor een video (in het duits) , hier voor het oorspronkelijke persbericht van het Charité ziekenhuis in Berlijn en hier voor een berichtje op nu.nl.