De meeste mensen weten het wel: vet is slecht voor je. En als je er een beetje goed uit wilt blijven zien kun je er maar beter niet teveel van eten. Maar dat blijkt niet eenvoudig. Want vet zit in bijna alles. In elk geval in alles wat lekker is.

Ik moest laatst echt hard lachen om een passage in het boek “In Defense of Food: An Eater’s Manifesto” van Michael Pollan (ook in het Nederlands vertaald). Hij beschrijft hoe Amerikanen in de jaren ’70 omgingen met de kennis dat veel vet eten slecht voor je is. Zoals geadviseerd verstouwden ze steeds meer koolhydraten, maar verminderden daarbij nooit de hoeveelheid vet die ze tot zich namen. Het percentage vet in het dieet nam af, maar ze aten nog steeds evenveel vet!

Nu las ik in Nature twee artikelen (Seale ea & Tseng ea) die hier bij aansloten. Eerder had men al laten zien dat mensen twee soorten vetweefsel hebben: wit en bruin vetweefsel. Wij torsen allen kilos wit vetweefsel met ons mee, en slechts een paar gram van het bruine vetweefsel. Dat is eigenlijk jammer want terwijl witte vetcellen niet veel meer zijn dan zakjes vet (zie ook de foto), zijn bruine vetcellen als kleine oventjes die vet kunnen verbranden! In bovengenoemde artikelen laten de onderzoekers zien hoe je het lichaam (van een muis in elk geval) kan stimuleren tot het maken van meer bruin vetweefsel.

Ik fantaseer er maar even op los. Stel nou dat we chocola, en taart, en al het andere lekkers dat we eigenlijk niet te vaak moeten eten omdat er vet in zit, zouden kunnen verrijken met die stof die ons meer bruine vetcellen geeft. Dan krijgen we als het ware tegelijkertijd met het vet, de verbrandingsoven binnen die dat vet weer doet verdwijnen voor het op de heupen terechtkomt. Mmmmm, doe mij nog maar een een bonbonnetje…